Interview in Haarlems Dagblad

Op maandag 25 mei 2020 werd Suzanna Esther geïnterviewd door journalist Wessel Mekking van de regionale krant Haarlems Dagblad.
Het interview is vanaf vandaag, zaterdag 30 mei 2020, onder andere digitaal te lezen op de website van het Haarlems Dagblad en de IJmonder Courant voor € 1,09 voor de gehele zaterdag editie. U vindt het interview in het gedeelte ‘Regio’ op pagina 5 (Haarlems Dagblad) en pagina 15 (IJmonder Courant).

Klik hieronder om de zaterdagkrant van 30 mei 2020 digitaal te bestellen en te bekijken:
Haarlems Dagblad – Digikrant | IJmonder Courant – Digikrant

Klik hieronder om het artikel van zaterdag 30 mei 2020 direct op de website te lezen (premium):
Haarlems Dagblad – Interview

 

Interview

Es: Lieve dames, wat leuk dat jullie mijn uitnodiging hebben aangenomen. Voor mijn gevoel zitten we in een virtuele zithoek in een driegesprek om mijn nieuwe boek te presenteren. Ik ben zeer benieuwd met wat voor vragen jullie komen. 

Sabine: Beste Es, als eerste wil ik natuurlijk van deze gelegenheid gebruik maken om je van harte te feliciteren met de lancering van je boek. Het was een lange weg, maar wat is het een geweldig boek geworden. We waren wat aan het sparren over je boeklancering en promotie toen je min of meer gekscherend voorstelde dat ik je wel kon interviewen en je dat een onderdeel van je lancering wilde maken. Na enig twijfelen, ik vond het een eer maar ook spannend, zette ik een aantal steekwoorden op papier waar later de vragen uit naar voren kwamen.

Nathalie: Hallo Es, hallo Sabine. Fijn om hier te zijn. 


Sabine: Eerst een aantal vragen over het boek. Wat me als eerste opvalt als ik het boek zie, is de prachtige cover. Hoe is deze tot stand gekomen?

Es: In 2019 maakte ik op basis van het verhaal een schilderij. Het was niet per se voor de cover, maar het had gekund. Uiteindelijk heb ik daar niet voor gekozen. Pas in de laatste fase van het boek ben ik rechtenvrije foto’s gaan verzamelen die ik geschikt vond. Grappig is dat vanuit die hele verzameling deze foto op het laatste moment voorbijkwam. Ik wist het gelijk. Dat was hem! Gelukkig waren de proeflezers het ermee eens. 

Nathalie: In eerste instantie had ik wel een beetje moeite met de cover. Waarom die vlieg? Was een zielige puppy ofzo niet beter geweest? Maar 5 seconden later viel het centje. Het werkt op zo veel vlakken! Was dat een bewuste keuze, of gewoon weer pure intuïtie?

Es: Intuïtie natuurlijk. *grijnst*


Sabine: De titel is opgebouwd uit drie delen; 2020, Kamp Alpha en de pest meester als ondertitel. Dat is niet zo gebruikelijk. Wat heeft je hiertoe doen besluiten?

Es: Deze drie titels had ik in mijn hoofd. Ik kon niet kiezen dus heb ik ze allemaal gebruikt. 2020 omdat het verhaal, toen ik het in 2017 bedacht, in 2020 plaatsvond, Kamp Alpha omdat het deels het doel van het verhaal is en de pest meester, als in – de pest meester worden én de pestmeester – als een woordspeling.

Nathalie: Ik vind de titel wel goed gevonden (de punn ook), maar vraag me af: komt er dan ook een Kamp Beta, Delta, Gamma ? Het nodigt wel uit, hé … (hint )

Es: Er komt zeker een vervolg, maar eerst maar eens bijkomen van deze prestatie.


Sabine: Voordat het verhaal begint, zie ik een quote van jouzelf. Kun je daar iets meer over vertellen? Zoals waarom je voor deze quote hebt gekozen? Wat deze voor jou betekent en wat deze met het verhaal te maken heeft?

Es: Het is eigenlijk een gedicht van precies 160 tekens. Als één van de eerste schrijvers van SMS gedichten ontdekte ik in 2006 de internetsite: Precies160 (opgezet door auteur/journalist/dichteres Sofie Cerutti). Ik heb in twee jaar tijd minstens 500 gedichtjes, eigentijdse Haiku’s, geschreven. Elke week werd er een gedichtje door het NRC uitgekozen. Ik heb drie keer ‘gewonnen’. Helaas bestaat de site niet meer. Toen ik de foto van de cover zag, dacht ik gelijk aan de tekst van mijn hand, die in 2007 in de NRC next werd geplaatst. 


Sabine: Hoe ben je aan inspiratie voor dit boek, waar je op de kop af drie jaar geleden de eerste zinnen van op papier zette, gekomen?

Es: In 2017 schreef ik een kort verhaaltje dat ik plaatste op mijn Facebookpagina Damesperikelen. Lezers schrokken er een beetje van. Dat stuk komt ook echt, vrijwel identiek, terug in het boek. Behalve dat het door een ander personage wordt gespeeld. In de eerste aanzet was ik zelf de hoofdpersoon, samen met mijn hondje Remi. Het zal ongeveer de volgende gedachte zijn geweest: Wat zou ik doen als er in Nederland een besmettelijke ziekte uitbreekt die wordt verspreid door dieren? Ik deed dus wat ik in 2017 bedacht. 

Nathalie: Zou je het nu nog doen?  Zou je echt zover gaan met alles wat er nu aan de hand is? Iedereen met een huisdier gaat na het lezen “Ja!” roepen, terwijl ik toch niet zo zeker ben…

Es: In de huidige situatie is het best lastig om te vluchten. Waar moet ik heen? Vooralsnog zit ik in Nederland best goed, toch? Zou het echt gebeuren: ‘Ja!’


Sabine: Wat is voor jou de belangrijkste boodschap die je je lezer met dit verhaal wilt meegeven?

Es: In mijn boeken ben ik niet bezig met boodschappen overbrengen. Als er een boodschap inzit, is dat omdat het onderwerp of thema mij bezig houdt of heeft bezig gehouden. De basis voor dit boek is in 2017 ontstaan uit de vraag: Wat als? Zo is mijn tweede boek de Stem ook ontstaan. Ik ben een generalist en mijn interesse gaat uit naar alles wat op mijn pad komt. Ik verdiep me daar dan een tijd in, tot er iets anders mijn aandacht trekt. Zo leer ik elke dag. Er zitten wel degelijk, meerdere, boodschappen in het boek, maar die zullen voor eenieder een andere betekenis hebben …

Nathalie: Sabine, ik vond het zelf niet een boodschap, het boek, maar eerder een vraag.  Als: “Hoe ver ga je?” Hoe ver ga je om je huisdier en je geliefde te beschermen? Hoe ver ga je in het volgen van  opgelegde regels … 

Es: Er zit zeker een stuk rebelsheid in, niet alles klakkeloos willen accepteren, zelf de controle willen houden, dierenliefde, vriendschap, politieke en maatschappelijke drijfveren … 


Sabine: Het mag geen verrassing zijn, dit boek, net als de twee voorgaande, heeft een open einde. Betekent dit dat er een vervolg komt?

Es: Ik houd van open eindes want het leven gaat na een einde nog door … Er staan wél al een aantal plotlijnen en ideeën op papier. Wie weet?

Nathalie: Met hoe concreet dit plot is geworden (weet je zeker dat je geen familie van Nostradamus bent?) houd ik mijn hart al vast. Hopelijk gaat het vervolg over een mooi huwelijk en leven ze nog lang en gelukkig …  

Es: Geloof je het zelf? *giechelt*


Sabine: Na Wervelstof en De Stem is dit je derde boek, waarom heb je dit keer besloten het zelf uit te geven?

Es: Eigenlijk was dit verhaal vanaf 2018 bedoeld als tussendoortje. Het verhaal was te kort voor een volwaardig boek en ik wilde het zelf als e-pub uitgeven. Toen ik in 2019 tussen twee projecten in tijd over had, werkte ik het uit tot een boek. Er waren drie uitgevers serieus geïnteresseerd. Door de omstandigheden aan de kant van de eerste uitgever stagneerde het uitgeefproces. De tweede uitgever durfde het door de actualiteit niet aan. De derde uitgever wilde het in eerste instantie op korte termijn uitgeven. In het contact tussen hen en mij sloop twijfel. Het boek zou gevoelig kunnen liggen, al gaat het verhaal absoluut niet over de huidige Coronasituatie. Er moest een nieuw contract komen en de uitgeefdatum werd naar eind van het jaar verschoven. Er ontstonden twijfels aan beide kanten. Ik heb uiteindelijk de knoop doorgehakt, aangezien ik al een eind op weg was in het uitgeefproces.

Nathalie: *haalt eventjes drankjes en verse versnaperingen*

Es: Is het al biertijd? 

Nathalie: Ja! Sabine, jij een sapje? … 


Sabine: Ik heb ook een aantal vragen over jou als schrijfster en kunstenares. Je schrijft al heel lang. Waarom ben je, als jong meisje, gaan schrijven? 

Es: Ik was als jong meisje behoorlijk introvert, dacht veel na en verslond boeken om de wereld en de mens te begrijpen. Ook vond ik het leuk om volledig mezelf te kunnen zijn zonder oordeel van anderen. Ik tekende ook veel in mijn dagboeken. Stripjes over mijn ‘kinderavonturen’. Eerlijkheidshalve vond ik dat de meeste mensen stomme dingen verzonnen en deden, in ieder geval volwassen. Kinderen soms ook. Het stom vinden, daarvan besefte ik dat ik de uitzondering was. Als iedereen ‘het’ doet, zal ik wel iets missen? Door van mij af te schrijven ging ik mezelf en anderen beter begrijpen. 

Sabine: Wat heeft je ertoe aangezet om van schrijven voor jezelf over te gaan tot schrijven voor publiek? 

Es: Ik werd door ervaringen minder introvert. 

Nathalie: *lacht en kucht demonstratief*

Es: *fronst en grijnst naar Nathalie*


Sabine: Naast boeken schrijf je ook blogs en columns, waar ligt je hart? Wat vind je het leukst om te schrijven?

Es: Ik vind alles leuk. Nou ja, alles. Columns gaan mij het meest makkelijk af. Ik heb een beginzin die als een haarbal opkomt. Meestal ben ik verbaasd over het resultaat. Boeken schrijven is mijn uitdaging. Geduld, consistentie, precisie, discipline, geduld, research, geduld … het vraagt veel tijd, aandacht en energie. 


Sabine: Naast schrijven ben je ook heel creatief bezig op andere gebieden. Je schildert graag, de cover van Wervelstof is van jouw hand. Maar ook op andere manieren uit je je creativiteit, wandschilderingen maken, poppen, kleertjes voor die popjes naaien …

Waar haal je de inspiratie vandaan?

Es: Geen idee. Het komt opzetten. Het is een tijdelijke passie, een fascinatie, iets willen kunnen en het dan gaan doen. Ik ben met vlagen een soort Pippi. ‘Ik heb het nog nooit gedaan, maar het lukt me vast wel.’ Zo niet, dan ga ik door tot het één keer lukt. Ik heb geen bijzonder talent, ik ben wél nieuwsgierig! Nieuwsgierigheid en het creëren van leuke, grappige, interessante, mooie en gekke zaken drijven mij voort. Het is een soort honger die gestild moet worden. 


Vraag van Es: Hoe was het om met mij samen te werken?

Sabine: Ik vond het leuk en leerzaam om met je samen te werken! Je staat open voor alle soorten feedback, denkt erover na en besluit dan of je er al dan niet iets mee kunt. Doordat je je overwegingen terugkoppelt, leer ik wat jij belangrijke punten vindt en daarnaast ontdek ik waar extra aandacht nodig is voor de manier waarop de feedback wordt verwoord; soms een duidelijker voorbeeld, soms een bron benoemen of meer uitleg geven. We leren van elkaar, dus wat mij betreft een win-win situatie. Bedankt voor je vertrouwen!

Nathalie: Wil je het beleefde of het eerlijke antwoord? De samenwerking vond ik echt heerlijk! Je hield me ten allen tijde op mijn tippietoes, het was heerlijk ping-pong spelen met jou … Ik heb er echt van genoten, en hoop echt dat we dat nog eens kunnen doen.


Nawoord Es: In september 2019 deed ik een oproep voor proeflezers. Jij, Nathalie, wierp je op als proefkonijn en je was gelijk razend enthousiast over het verhaal. Dat was zo leuk! Van daaruit ontstond het meedenken en vooral je scherpe oog voor discrepanties hield mij bij de les. Je kennis van dierengedrag trouwens ook. Begin december deed ik een oproep voor iemand die verstand had van microbiologie. Toen meldde jij je, Sabine. Jij had voor de tweede druk van Wervelstof een stuk redactie gedaan en toen was de samenwerking ook al zo fijn. Je keek in principe alleen mijn research na, gaf enkele aanwijzingen, maar kon het niet nalaten zijdelings wat schoonheidsfouten aan te stippen. *lacht* Van daaruit ontstond de situatie dat jullie, tot het verhaal af was, meelazen en bijstuurden waar nodig. Het is heerlijk om als schrijver gezegend te zijn met twee redacteuren die ieder hun eigen kwaliteiten hebben. Dank jullie wel! 

Nawoord Nathalie: De heerlijke vertelstem van Suzanna, gecombineerd met een wel heel actueel onderwerp, dat je compleet bij de lurven grijpt. Kamp Alpha: riemen vastmaken, handen binnenboord houden en maak je klaar voor deze rollercoaster. Here we go!

Nawoord Sabine: Ik wil nog twee dingen zeggen, ‘Proost op 2020 Kamp Alpha, dat het een succes mag worden!’ en voor alle lezers: ‘Geniet van dit boek! Het zal je verbazen hoe actueel (en van alle tijden) het is en het zal je aan het denken zetten.’